Wat verlangt God? Deze vraag en het antwoord daarop hebben grote concurrentie van een wereld waarin het vooral gaat om onze verlangens. Onze verlangens onder woorden brengen lukt ons wel. Maar over Gods verlangen iets zinnigs zeggen kost ons moeite.
Spreken overeen het verlangen van God kost ongelovigen moeite, maar zelfs of helaas ook gelovigen. Bewustwording is daarom nodig. We moeten omschakelen van ons eigen verlangen naar het verlangen van God. Anders denken. Vanuit God denken. Kan dat? Hoe is dat mogelijk?
Schepping
De Bijbel kan en wil om ons helpen bij het beantwoorden van deze vragen. Gelukkig. God wil dat we Zijn verlangen weten. Wat we zelf niet kunnen bedenken, heeft God in Zijn Woord laten beschrijven. Maar dan gaat het daarbij er wel om dat we dit thema willen ontdekken. Voor een ongelovige is het geen issue, maar voor een gelovige ook niet gelijk.
Het begin van de Bijbel openbaart het verlangen van God. Dat er een begin is, dat God spreekt. Dat God alles zeer goed maakt. Zonder gebrek, volmaakt, als een spiegel van God Zelf. Waar God Zelf ultiem van geniet. Gods schepping reflecteert Gods verlangen. En in dit verlangen, in die scheppingsdaden, staat de schepping van de mens in het stralende middelpunt. God spreekt tot Zichzelf en maakt zo voor ons Zijn verlangen glashelder: ‘Laat ons mensen maken.’ De schepping is Gods verlangen. Ja, wij zijn Gods verlangen, mensen die naar Gods beeld en gelijkenis geschapen zijn. Lijkend op God. God wil en verlangt naar eeuwige omgang in liefde en betrokkenheid met Zijn mens in Zijn gave schepping. Als het hierover gaat, staan we voor de peilloze hoogte en diepte van het verlangen van God.
We lezen vervolgens in de Bijbel over de breuk tussen de mens en zijn God. Door God te verdenken van een dubbele agenda en Hem bewust de rug toe te keren hebben wij een streep gehaald door de relatie met Hem. Dood en verderf zijn gekomen in plaats van liefdevolle omgang en betrokkenheid. Ons kennen van God in al Zijn verlangens is niet meer vanzelfsprekend in ons hart. Wantrouwen en achterdocht zijn er bij ons voor in de plaats gekomen. De hele schepping is daarbij aangetast en aan het verderf onderworpen.
Herstel
Maar God wil Zijn mens en de schepping in haar geheel niet loslaten. Genade en herstel door Jezus Christus openbaart God aan Adam en Eva en aan ons allemaal, en voor heel de schepping.
Dit herstel is geen reparatie achteraf, een onverwachte ramp waarin God ingrijpt. Paulus zegt in zijn brief aan de Efeziërs dat God ons (dat zijn diegenen die in Christus zijn) voor de grondlegging van de wereld in Christus uitverkoren heeft (1:4). Dit is Zijn verlangen altijd geweest en de werkelijkheid die Hij altijd zag en ziet.
Maar dan komt het gedeelte in beeld dat voor ons toch maar moeilijk blijkt te zijn. God verlangt naar herstel. God realiseert dit herstel. En dat vinden we vervolgens geweldig, vooral wanneer we genade leren taxeren voor onszelf. God is bewogen over en genadig voor zondige mensen. God zoekt en wil ons eeuwig behoud. En wanneer we daar ons geluk in vinden, kennen we dit verlangen van God heel persoonlijk. Maar daarmee is nog niet alles over Gods verlangen gezegd. Slechts het gedeelte wat leidt tot herstel.
Het reddingsplan van God is niet zijn einddoel. Dit reddingsplan is het middel om ons te brengen tot de vervulling van Gods oorspronkelijke verlangen. Het kruis is de overbrugging naar dit oorspronkelijke verlangen. Het herstel dient het eeuwige en blijvende doel. Door het herstel heen verlangt God naar die allereerste bedoeling: eeuwige omgang in liefde en betrokkenheid tussen God en mens in Zijn volmaakte schepping. Zoals het was zal het ook weer zijn: niet alleen dat ik als geredde zondaar weer kan en wil leven met God, maar ook dat ik ga zien bij het licht van de Bijbel wat God verlangt. Dat is: eeuwig leven met Hem in Zijn volmaakte schepping.
Meegaan
Wanneer je op dit verlangen raakt afgestemd, gaan er bijbelgedeelten voor je open die eerst nog aan je voorbijgingen. Zo bijvoorbeeld Romeinen 8:19. Daar schrijft Paulus over het verlangen van de schepping: ‘Met reikhalzend verlangen immers verwacht de schepping het openbaar worden van de kinderen van God.’ Het gaat hierin om mensen die door het geloof in Jezus Christus kind van God zijn. In hun innerlijk heeft God een grote verandering teweeggebracht.
Maar daarmee is het nog niet af. God verlangt naar de volmaakte omgang met de mens in Zijn toekomst. En dan de verrassende conclusie van Paulus. Gods schepping reflecteert Zijn verlangen. Omdat God blijft verlangen naar deze toekomst, verlangt Zijn schepping, in al haar gebrokenheid, ook naar deze toekomst. Zouden we dan naast het lezen van de Bijbel over Gods verlangen ook niet luisteren en kijken naar de schepping die ons zo voorgaat in dit verlangen! Om ervan te leren. Om zo veel meer zicht te krijgen op het verlangen van God en ook om mee te gaan verlangen met God!
Het is daarom niet voor niets het thema van de laatste hoofdstukken van de Bijbel.
Waar het in de schepping – en daarbinnen in de schepping van de mensen – om draaide, wordt opnieuw zichtbaar in de Openbaring van Johannes: En ik, Johannes, zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem neerdalen van God uit de hemel, gereedgemaakt als een bruid die voor haar man sierlijk gemaakt is (21:2). Gods werk vanuit de hemel komt op aarde. En van haar inwoners wordt gezegd: Zij zullen als koningen regeren in alle eeuwigheid (22:5). Het verlangen van God zoals bij de schepping van de mens verwoord (Gen. 1:26), wordt ten volle gerealiseerd.
Laat het verlangen van God toe in al je denken, doen, bidden en hopen. Onze ervaring bij de volle realisatie is in ieder geval al bekend. Want we zullen persoonlijk zeggen: ‘De helft is mij nog niet aangezegd.’
A. Hoekman, Finsterwolde/Hongerige Wolf
Ds. A. Hoekman is missionair predikant in Noordoost Groningen naar art. 6 van de kerkorde.